De Amerikaanse National Science Foundation (NSF) heeft donderdag een aanzienlijke verandering aangekondigd in de operationele controle van een krachtige supercomputer die van cruciaal belang is voor klimaat- en weeronderzoek. De machine, gelegen in de faciliteit van het National Center for Atmospheric Research (NCAR) in Cheyenne, Wyoming, zal nu worden beheerd door een niet nader genoemde externe operator. De NSF heeft niet onthuld wie deze operator is of wanneer de transitie zal plaatsvinden.
Waarom dit belangrijk is
Deze supercomputer is een cruciale infrastructuur voor meer dan 2.000 wetenschappers in het hele land. Het stelt hen in staat geavanceerde klimaatmodellen met hoge precisie uit te voeren – tot op één vierkante kilometer – en weerpatronen en klimaattrends op de lange termijn te voorspellen. Het gebrek aan transparantie over wie nu de controle over deze bron zal hebben, roept zorgen op over de voortdurende toegang, gegevensbeveiliging en de mogelijke verstoring van lopend onderzoek.
NCAR exploiteert de Cheyenne-faciliteit sinds 2012 en bevordert een samenwerkingsomgeving tussen de 835 wetenschappers en ingenieurs. Het besluit van het NSF om het beheer uit te besteden valt samen met andere institutionele veranderingen bij NCAR, wat wijst op een bredere herstructurering.
Zorgen van wetenschappers
Onderzoekers als dr. Ramalingam Saravanan van de Texas A&M University vrezen dat de transitie hun werk zou kunnen belemmeren. “Als je de computers net zo kunt gebruiken als voorheen, kunnen we gewoon doorgaan”, zei Saravanan, maar hij waarschuwde ook dat de bredere ontmanteling van de geïntegreerde structuur van NCAR kritische synergieën tussen onderzoeksteams zou kunnen uithollen.
Het verlies van deze synergieën zou het moeilijker maken om complexe klimaatmodelleringsinspanningen te coördineren en mogelijk de wetenschappelijke vooruitgang vertragen. Zonder duidelijke details over de kwalificaties en bedoelingen van de nieuwe operator, blijven wetenschappers met onzekerheid zitten over de toekomst van hun onderzoek.
Het stilzwijgen van de NSF over deze kwestie heeft deze zorgen alleen maar vergroot, waardoor de wetenschappelijke gemeenschap in een staat van ongemakkelijke verwachting verkeert. De situatie onderstreept hoe politieke beslissingen wetenschappelijke inspanningen kunnen beïnvloeden, vooral als het om cruciale infrastructuur gaat.
De transitie blijft gehuld in mysterie, maar het is duidelijk dat deze verschuiving blijvende gevolgen zal hebben voor klimaat- en weeronderzoek in de Verenigde Staten.





















